Het brein is in vele opzichten een black box. We weten wat er in gaat (prikkels) en wat er uit komt (gedrag), maar hoe het een tot het ander leidt blijft vooralsnog in duisternis gehuld. Als het aan hersenwetenschappers en neuromarketeers ligt, komt daar snel verandering in. Hoe snel, daarover zijn de meningen verdeeld.
Het leven bestaat uit keuzes maken. Dat begint al ‘s ochtends vroeg bij het ontbijt (cornflakes of brood), gaat door op het werk (meteen die grote opdracht of eerst nog wat klusjes wegwerken) en eindigt ’s avonds laat voor het naar bed gaan (nog even televisie kijken, of toch maar een boek). Gelukkig heeft de natuur ons een handje geholpen, door ons uit te rusten met een brein dat gericht is op het versimpelen en automatiseren van keuzegedrag.
Sinds de Low Involvement Processing Theory van Robert Heath weten we dat mensen onbewust voortdurend omgevingsinformatie verwerken. De werking van reclame berust waarschijnlijk voor een groot deel op deze subliminale verwerking. Om van invloed te kunnen zijn op ons gedrag moeten die onbewust waargenomen prikkels op de een of andere manier worden vastgelegd in het geheugen om in een later stadium weer te kunnen worden opgeroepen. Maar hoe werkt dat: je iets herinneren dat je je niet herinnert? Een tipje van de sluier wordt opgelicht door wetenschappers van de Universiteit van California. In hun recente publicatie “The Eyes Have It: Hippocampal Activity Predicts Expression of Memory in Eye Movements” in het vakblad Neuron belichten zij de rol van de hippocampus, het geheugencentrum van onze hersenen.
Creativiteit is een groot goed, vooral als je werkzaam bent in de reclame of in andere creatieve beroepen. Wetenschappers vinden echter steeds meer aanwijzingen dat er een negatief verband bestaat tussen stress en creativiteit. Stress vermindert niet alleen iemands creativiteit, maar leidt in chronische vorm zelfs tot veranderingen in de hersenen. Laat stress nou net een veel voorkomend verschijnsel zijn in de reclame…